Lees Kopano’s HERSTELLEND Huwelijk Getuigenis,
"Het is Alsof een Spookje dat Uitkomt!"
Deze getuigenis is overgenomen uit een van onze vele
Op het woord van hun Getuigenis boeken

Om JE te helpen
elke twijfel en angst te overwinnen in
Gods mogelijkheid en wens om
JOU Huwelijk te Herstellen

Hoofdstuk 15 “Openen de Vensters Van de Hemel”

“Beproeft Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen,
“of Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen
en zegen in overvloed over u uitgieten.”
—Maleachi 3:10

wRYM DUTCH

This is a pretty powerful statement from God. Nowhere else in Scripture does God tell us to test Him, except in this verse. What is it that God says will cause Him to open the windows of heaven, pouring out His blessing on us until it overflows?

Dit is een mooie krachtige verklaring van God. Nergens anders in de Bijbel verteld God ons dat we Hem moeten testen, behalve in deze vers. Wat is het waarvoor God de vensters van de hemel zal openen, Zijn zegen over ons uitstorten totdat het overstroomt?

“‘Bring the whole tithe into the storehouse, so that there may be food in My house, and test Me now in this,’ says the Lord of hosts, ‘if I will not open for you the windows of heaven, and pour out for you a blessing until it overflows’” (Mal. 3:10).

“Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis; beproeft Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen, of Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen en zegen in overvloed over u uitgieten’” (Mal. 3:10).

Did you see it? It’s tithing. Tithing will cause God to open the windows of heaven and shower His blessings over your life!

Heb je het gezien? Het is het geven van je tiende. Het geven van je tiende zal God de vensters van de hemel doen openen Zijn zegeningen over je leven laten uitstorten.

Many Christians shy away from learning as much as they can about this important principle, but please don’t miss this! God wants us to be faithful and obedient in all things, and when we neglect or choose to be disobedient in one area of our lives, it spills over into other areas as well.

Vele Christenen zijn bang om zoveel mogelijk te leren als maar kan over deze belangrijke principe, maar alsjeblieft mis het niet! God wilt dat we getrouw en gehoorzaam zijn in alle dingen, en wanneer we verwaarlozen of keuze maken om ongehoorzaam te zijn in een gebied van onze levens, dan stroomt het ook over naar andere gebieden.

What exactly is tithing? It is giving back to God ten percent of the first of your increase.

Wat is het geven van tiende precies? Het is het terug geven van tien procent van het eerste van je toename.

Our society as a whole is ignorant of this principle. Many churches fail their people by neglecting to teach the importance of tithing. Why is it so serious? God is angry when we fail to give back to Him what is rightfully His. “The earth is the Lord’s, and all it contains, the world, and those who dwell in it” (Ps. 24:1). Tithing is an act of worship.

Onze maatschappij als geheel kent dit principe niet. Vele kerken hebben gefaald bij hun mensen door het verwaarlozen om te leren het belang van het geven van tiende. Waarom is het zo belangrijk? God is boos wanneer we falen om Hem terug te geven wat rechtmatig van Hem is. “De aarde is van de Heer, en alles wat erin is, de wereld, en degene die erin zijn” (Ps. 24:1). Het geven van tiende is een actie van lofprijzing. 

There are too many Christians who either live in poverty or are in as much debt as the unbeliever. God wants to make every believer “the head and not the tail.” He wants you to be “above” and “not be underneath” debt or anything else that will rule or control your life (Deut. 28:13). We are told, “Owe nothing to anyone except to love one another . . .” (Rom. 13:8). “The rich rules over the poor, and the borrower becomes the lender’s slave” (Prov. 22:7).

Er zijn teveel Christenen die in armoede leven of in een net zo grote schuld leven als een ongelovige. God wilt elke gelovige “het hoofd maken en niet de start.” Hij wilt dat je “erboven” bent en “niet eronder bent” van schulden of iets anders dat over je leven wilt regeren of controle wilt hebben. (Deut. 28:13). Ons is verteld, “ Zijt niemand iets schuldig dan elkander lief te hebben…..”(Rom. 13:8).

Most Christians are blessed with so much, especially if we look at other nations and the level of poverty at which most people of the world live. We spend our earnings on pleasures while our churches, missionaries, and ministries struggle to make ends meet. Why? Because we try to hold onto what is not rightfully ours to keep.

De meeste Christenen zijn gezegend met zoveel, vooral als we kijken naar andere naties en het level van armoede waarin de meeste mensen van de wereld leven. We spenderen onze verdiensten aan plezier terwijl onze kerken, missionarissen, en bedieningen worstelen om de eindjes aan elkaar te knopen. Waarom? Omdat we proberen vast te houden aan iets wat rechtmatig niet van ons is om te houden.

We take but give little. “Now this I say, he who sows sparingly shall also reap sparingly; and he who sows bountifully shall also reap bountifully. Let each one do just as he has purposed in his heart, not grudgingly or under compulsion, for God loves a cheerful giver” (2 Cor. 9:6).

We nemen maar geven maar een klein beetje. “(Bedenkt) dit: wie karig zaait, zal ook karig oogsten, en wie mildelijk zaait, zal ook mildelijk oogsten. En ieder doe, naardat hij zich in zijn hart heeft voorgenomen, niet met tegenzin of gedwongen, want God heeft de blijmoedige gever lief” (2 Kor. 9:6).

We ask and wonder why we don’t receive. “You ask and do not receive, because you ask with wrong motives, so that you may spend it on your pleasures” (James 4:3).

We vragen en verwonderen waarom we niet ontvangen. “Gij bidt wel, maar gij ontvangt niet, doordat gij verkeerd bidt, om het in uw hartstochten door te brengen.” (Jacobus 4:3). 

God wanted to bless His people, but He did not because they were unwilling to give into His storehouse. He tells them in Haggai 1:6–7, “‘You have sown much, but harvest little; you eat, but there is not enough to be satisfied; you drink, but there is not enough to become drunk; you put on clothing, but no one is warm enough; and he who earns, earns wages to put into a purse with holes. Thus says the Lord of hosts, ‘Consider your ways!’”

God wilde Zijn mensen zegenen, maar Hij deed het niet want ze waren niet bereid om te geven aan Zijn voorraadschuur. Hij vertelt hun in Haggai 1:6-7, ‘”Gij hebt veel gezaaid, maar weinig binnengehaald; gij hebt gegeten, maar zonder dat gij verzadigd werd; gij hebt gedronken, maar zonder dat gij voldaan werd; gij hebt u gekleed, maar zonder dat gij warm werd; en wie zich voor loon verhuurde, ontving zijn loon in een doorboorde buidel. Zo zegt de Here der heerscharen: Bedenkt wat u wedervaren is!’”

“‘You look for much, but behold, it comes to little; when you bring it home, I blow it away. Why?’ declares the Lord of hosts, ‘Because of My house which lies desolate, while each of you runs to his own house’” (Hag. 1:9).

‘”Gij hebt op veel gerekend, maar zie, het liep op weinig uit, en toen gij het binnengehaald hadt, blies Ik erin. Waarom dat? luidt het woord des Heren der heerscharen. Om mijn huis, dat verwoest ligt, terwijl gij draaft, ieder voor zijn eigen huis’” (Hagg. 1:9).

Understanding Tithing
Het geven van Tiende begrijpen

It is ironic that so many Christians erroneously believe that they are not able to “afford” to tithe and bless God through offerings. The truth is that they are simply caught in a vicious cycle that only obedience and faith can cure. They can’t afford to give because they rob God to pay men, thereby robbing themselves of being blessed!

Het is ironisch dat zovelen Christenen verkeerd geloven dat zij het zicht niet kunnen “veroorloven” om tiende te geven en God te zegenen met offers. De waarheid is dat ze simpelweg zijn gevangen in een vicieuze cirkel dat alleen gehoorzaamheid en geloof kan genezen. Ze kunnen het zich niet veroorloven om te geven omdat ze God roven van het betalen van mensen, daarmee beroven ze zichzelf om gezegend te worden!

As a matter of fact, it is when we are in deep poverty that God asks us to give. The Christians in Macedonia understood and applied this principle of giving: “Out of the most severe trial, their overflowing joy and their extreme poverty welled up in rich generosity” (2 Cor. 8:2). Sounds a bit like many of us, doesn’t it?

In feite vraagt God ons te geven als we in diepe armoede leven. De Christenen in Macedonia begrepen het en paste deze principe van geven toe: “Want, doordat zij beproefd zijn gebleken in veel verdrukking, hebben hun overvloedige blijdschap en diepe armoede nog overvloedig de rijkdom van hun mildheid bevorderd” (2 Kor. 8:2). Het klinkt een beetje zoals vele van ons, Niet dan?  

Why 10%?

Waarom 10%?

The word tithe in the Hebrew is “ma‘asrah,” which translates to “a tenth.” So whenever God speaks to us in His Word and says to “tithe,” He is saying to give Him a tenth.

Het woord tiende in het Hebreeuws is “ma’asrah,” wat vertaald word naar “een tiende.” Dus wanneer God tot ons spreekt in Zijn Woord en zegt om “tiende te geven,” dan zegt Hij om Hem een tiende te geven.

Why should I give my tithe first, before paying my bills?

Waarom zou ik eerst mijn tiende geven, voordat ik mijn rekeningen betaal?

This is the principle of “first fruits” of our labor. Deuteronomy 18:4 tells us, “You shall give him the first fruits of your grain, your new wine, and your oil, and the first shearing of your sheep.” Then, in Exodus 34:24 and 26, God says, “For I will drive out nations before you and enlarge your borders . . . You shall bring the very first of the first fruits of your soil into the house of the Lord your God . . .”

Dit is de principe van “de eerste vruchten” van onze arbeid. Deuteronomium 18:4 vertelt ons, “De eerstelingen van uw koren, uw most en uw olie en de eerste wol van uw schapen zult gij hem geven.” Daarna, in Exodus 34:24 en 26, vertelt God, “Want Ik zal volken voor uw aangezicht verdrijven en uw gebied ruim maken……. Het beste van de eerstelingen van uw bodem zult gij in het huis van de Here, uw God, brengen…….”

This also is confirmed in the New Testament when Jesus tells us in Matthew 6:33, “But seek first His kingdom and His righteousness; and all these things shall be added to you.”

Dit is ook bevestigd in het Nieuwe Testament toen Jezus ons vertelde in Mattheus 6:33, “Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden.”

Where should I tithe?

Waar zal ik mijn tiende geven?

Malachi 3:10 tells us, “‘Bring the whole tithe into the storehouse, so that there may be food in My house, and test Me now in this,’ says the Lord of hosts, ‘if I will not open for you the windows of heaven, and pour out for you a blessing until it overflows.’”

Maleachi 3:10 vertelt ons, ” Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis; beproeft Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen, of ‘Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen en zegen in overvloed over u uitgieten.”

Your storehouse is where you are spiritually fed. Many Christians make the mistake of giving where they are not spiritually fed or would rather give where they see there is a need—but this is foolishness. It is like going to a restaurant, ordering a meal, but when the check comes telling the cashier that you would rather give to the restaurant down the street that is not doing too well!

Je voorraadschuur is waar je geestelijk gevoed wordt. Vele Christenen maken de fout om te geven waar ze niet geestelijk gevoed worden of liever geven waar zij zien dat nodig is—maar dit is dwaasheid. Het is hetzelfde als naar een restaurant gaan, een maaltijd bestellen, maar wanneer de rekening komt vertel je de kassamedewerker dat je liever geeft aan het restaurant verder op in de straat die het niet zo goed doen!

If you are attending a church where you are being spiritually fed, then you should be tithing at least a tenth of your income to your home church. That means that if you attend church elsewhere and feel led to sow financially into our ministry (or any other ministry or missions), then this would be an offering “above and beyond” your tithe. We don’t want you to steal from your church to sow into our ministry “for this would be unprofitable for you” (Heb. 13:17).

Als je naar een kerk gaat waar je geestelijk word gevoed, dan zal je tenminste een tiende van je inkomen moeten geven aan je eigen kerk. Dat betekent dat als je naar een andere kerk gaat en je voelt je geleid om financieel te zaaien in onze bediening (of elke andere bediening of missie), dan zal dit een offer moeten zijn “boven op” je tiende. We willen niet dat je steelt van je kerk om te zaaien in onze bediening “Want dat zou u geen nut doen”( Heb. 13:17)  

However, many of our fellowship members who are not attending a church (for a variety of reasons) and are being fed through our ministry tithe by sowing into restoring marriages, since this is where they are being spiritually fed.

Alhoewel, vele van onze Bijeenkomst leden die niet naar een kerk gaan (om diverse redenen) en die worden gevoed door onze bediening geven tiende door te zaaien in herstelde huwelijken omdat dit is waar ze geestelijk worden gevoed. 

Again, as I have encouraged you throughout this book, seek God. This goes for everything, including your finances. Then be obedient and faithful to Him!

Nogmaals, als ik je hebt bemoedigd door dit boek, zoek God. Dit geldt voor alles, inclusief je financiën. Wees daarna gehoorzaam en trouw aan Hem!

Don’t make the mistake of diligently following all the principles on restoring your marriage yet fail to tithe, lest you find your marriage not restored because you are stealing from God.

Maak niet de fout om alle principes ijverig op te volgen die het huwelijk zullen herstellen maar te falen om tiende te geven, tenzij je hebt gemerkt dat je huwelijk niet hersteld is omdat je van God steelt.

Remember, Malachi 3:8–10 tells us, “Will a man rob God? Yet you are robbing Me! But you say, ‘How have we robbed Thee?’ In tithes and offerings. You are cursed with a curse, for you are robbing Me, the whole nation of you!”

Onthoud, Maleachi 3:8—10 vertelt ons, “Mag een mens God beroven? Toch berooft gij Mij. En dan zegt gij: Waarin beroven wij U? In de tienden en de heffing. Met de vloek zijt gij vervloekt, en Mij berooft gij, gij volk in zijn geheel!”

But since I am not under the law and I live by grace, 10% is no longer required, is it?

Maar omdat ik niet onder de wet leef maar door genade, 10% is niet langer nodig, toch?

God’s grace warrants giving more, not less. When we have experienced His forgiveness, His mercy, His compassion, and His sacrifice of His shed blood whereby we become partakers of His glory, it will increase our willingness to give more, certainly not less.

Gods genade garandeert meer te geven, niet minder. Wanneer we Zijn vergeving hebben ervaren, Zijn compassie, en Zijn offer van Zijn gevloeide bloed waardoor we een onderdeel zijn geworden van Zijn glorie, zal de bereidheid toenemen om meer te geven, maar zeker niet minder.

“. . . Freely you received, freely give” (Matt. 10:8).

“…..Om niet hebt gij het ontvangen, geeft het om niet” (Matt. 10:8).

“He who did not spare His own Son, but delivered Him over for us all, how will He not also with Him freely give us all things?” (Rom. 8:32).

“Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, maar voor ons allen overgegeven heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken?” (Rom. 8:32).   

However, “. . . he who sows bountifully shall also reap bountifully. Let each one do just as he has purposed in his heart, not grudgingly or under compulsion, for God loves a cheerful giver” (2 Cor. 9:6).

Echter, “….. wie karig zaait, zal ook karig oogsten, en wie mildelijk zaait, zal ook mildelijk oogsten. En ieder doe, naar dat hij zich in zijn hart heeft voorgenomen, niet met tegenzin of gedwongen, want God heeft de blijmoedige gever lief” (2 Kor. 9:6).

If we are double-minded and don’t really trust that God will provide for us, “let this man expect that he will receive nothing from the Lord.” When we hold onto what we have to try to take care of ourselves, we will never see God’s awesome power on our behalf.

Als we twijfelen en niet echt vertrouwen dat God voor ons zal voorzien, “want zulk een mens moet niet menen, dat hij iets van de Here zal ontvangen.” Wanneer we vasthouden aan wat we hebben om te proberen te zorgen voor onszelf, dan zullen nooit de geweldige kracht van God voor ons zien.

God’s desire is to pour His power and His blessings into our lives. When we tithe, we are being obedient. When, out of utter gratitude and worship, we freely give offerings beyond what is commanded, we are truly opening the door for God to pour out His blessings and do His pleasure in our lives.

Gods verlangen is om Zijn kracht en Zijn zegeningen uit te storten in onze levens. Wanneer we tiende geven, dan zijn wij gehoorzaam. Wanneer, we uit vrijelijke dankbaarheid en aanbidding, vrijgevig offers geven boven wat van ons gevraagd is, dan openen we echt de deur voor God om Zijn zegeningen uit te storten en Zijn plezier te doen in onze levens

We know He “is able to do exceedingly and abundantly above all that we ask or think, according to the power that worketh in us” (Eph. 3:20 KJV).

We weten dat Hij “Hem nu, die blijkens de kracht, welke in ons werkt, bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen” (Efez. 3:20 NBG-51).

“Seek ye first the kingdom of God and His righteousness, and all these things shall be added unto you” (Matt. 6:33 KJV). Do we take God at His Word or not?

“Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden.” (Matt. 6:33 NBG-51). Nemen we God en Zijn Woord aan of niet?

Principles of Stewardship
Principes van Rentmeesterschap

As we have seen, tithing is an important principle in the Bible. God expects us to tithe back to Him a portion of what He has so generously given to us. Indeed, all that He has given us is still His—we are stewards that He has entrusted to care for the earth and all that is in it. How we handle what He has entrusted to us—our money, our talents, our time—demonstrates our obedience to His Word, our trust in His promise to provide, and most importantly, our faith in Him.

Zoals we hebben gezien, is het geven van tiende een belangrijke principe in de Bijbel. God verwacht van ons dat wij een tiende terug geven aan Hem van de portie die Hij zo vrijgevig aan ons heeft gegeven. Natuurlijk, alles wat Hij ons heeft gegeven is nog steeds van Hem—wij zijn rentmeesters die Hij heeft toevertrouwd om voor de aarde te zorgen en alles wat er in is. Hoe we ermee omgaan met alles wat Hij ons heeft toe vertrouwd—ons geld, onze talenten, onze tijd—laten zien onze gehoorzaamheid aan Zijn Woord, ons vertrouwen in Zijn belofte om te voorzien, en het meest belangrijkste, ons geloof in Hem.

The way you view and handle your finances is basic to your Christian growth, and understanding God’s principles of stewardship will enable you to mature in your spiritual walk and inherit the blessings God has for your life.

De manier dat je kijkt en met je financiën omgaat is de basis voor je Christelijke groei, en begrip in Gods principes van rentmeesterschap zal het mogelijk voor je maken om volwassen te worden in je geestelijke wandel om de zegeningen te erven die God voor je leven heeft.

As you have read thus far in this book, God deals with many areas in our lives that indirectly affect our marriage. It is not enough to concentrate on marriage principles exclusively, but again God is using this trial in your marriage to transform you more into His image as He draws you out of the world’s destruction and shows you the pathway to life.

Zoals je zover hebt kunnen lezen in dit boek, behandelt God vele gebieden in onze levens die indirect een effect hebben in ons huwelijk. Het is niet genoeg om exclusief te concentreren op de huwelijk principes, maar nogmaals God gebruikt deze beproeving in je huwelijk om je nog meer te transformeren naar Zijn evenbeeld als Hij je trekt uit de wereldse vernietiging en je de pad wijst naar het leven. 

The riches of God are not in order for us to “get rich” in the way the world seeks riches, but instead His blessings are part of our heritage. God wants to prosper us (Jer. 29:11) as long as He knows that we will use our inheritance wisely, without allowing prosperity to bring us to ruin. Giving a car to a child who is too young will most certainly end in tragedy. It is not until a parent sees maturity is he willing to turn over the keys of the car.

De rijkdommen van God zijn niet voor ons om “rijk te worden” zoals de wereld het zoekt, maar Zijn zegeningen zijn een onderdeel van onze erfenis. God wilt ons voorspoedig maken (Jer. 29:11) zolang dat Hij weet dat we onze erfenis wijs zullen gebruiken, zonder toe te staan dat onze voorspoed ons tot vernietiging brengt. Een auto geven aan een kind die te jong is zal zeker in een tragedie eindigen. Het is niet totdat een ouder volwassenheid ziet dat hij bereid is om de sleutels van de auto te overhandigen.   

God wants us to have a mature attitude toward money for it has the power to affect our ability to make wise decisions: “Two things I asked of You, do not refuse me before I die: keep deception and lies far from me, give me neither poverty nor riches; feed me with the food that is my portion, that I not be full and deny You and say, ‘Who is the Lord?’ Or that I not be in want and steal, and profane the name of my God” (Prov. 30:7–9).

God wilt dat we een volwassen houding hebben tegenover geld want het heeft de kracht om onze mogelijkheden te beïnvloeden om wijze beslissingen te nemen: “ Twee dingen vraag ik van U, onthoud ze mij niet, voordat ik sterf: houd valsheid en leugentaal verre van mij, geef mij armoede noch rijkdom, voed mij met het brood, mij toebedeeld; opdat ik, verzadigd zijnde, U niet verloochene en zegge: Wie is de Here? noch ook, verarmd zijnde, stele en mij aan de naam van mijn God vergrijpe” (Spr. 30:7–9).

It is clear that it is God’s desire to bless His children. Here are more verses that show God’s heart toward you as one of His:

Het is duidelijk dat het God verlangen is om Zijn kinderen te zegenen. Hier zijn meer verzen die Gods hart laten zien naar jou toe als een van Hem:

“It is the blessing of the Lord that makes rich, and He adds no sorrow to it” (Prov. 10:22).

“De zegen des Heren, die maakt rijk, zwoegen voegt er niets aan toe” (Spr. 10:22).

“The reward of humility and the fear of the Lord are riches, honor and life” (Prov. 22:4).

“Het loon van ootmoed – vreze des Heren – is rijkdom, eer en leven” (Spr. 22:4).

“And by knowledge the rooms are filled with all precious and pleasant riches” (Prov. 24:4).

“Door kennis worden de kamers gevuld met allerlei kostbaar en liefelijk bezit” (Spr. 24:4).

“A faithful man will abound with blessings, but he who makes haste to be rich will not go unpunished” (Prov. 28:20).

“Een betrouwbaar man heeft veel zegen, maar wie naar rijkdom jaagt, blijft niet ongestraft” (Spr. 28:20).

These verses maintain that there are conditions to financial blessings (spiritual maturity) and that this is truly a heart issue (an absence of greed).

Deze verzen ondersteunen dat er condities zijn voor financiële zegeningen (geestelijke volwassenheid) en dat dit echt een hart zaak is (een afwezigheid van hebzucht).

All of us want God’s blessings upon our life, but did you know that how you handle your financial blessings has a great deal to do with how you grow in the Lord and to what degree God is able to work in your life?

Een ieder van ons wilt Gods zegeningen in onze leven, maar weet je dat hoe je met je financiële zegeningen omgaat veel te maken heeft met hoe je groeit in de Heer en in welke mate het voor God mogelijk is om te werken in je leven?  

“No one can serve two masters; for either he will hate the one and love the other, or he will stand by and be devoted to the one and despise and be against the other. You cannot serve God and mammon (deceitful riches, money, possessions, or whatever is trusted in)” (Matt. 6:24 AMP).

“Niemand kan twee heren dienen, want hij zal òf de ene haten en de andere liefhebben, òf zich aan de ene hechten en de andere minachten; gij kunt niet God dienen èn Mammon (misleidende rijkdommen, geld, bezittingen, of wat dan ook waar vertrouwen in gelegd word)” (Matt. 6:24). 

“Whoever can be trusted with very little can also be trusted with much, and whoever is dishonest with very little will also be dishonest with much. So if you have not been trustworthy in handling worldly wealth, who will trust you with true riches?” (Luke 16:10–11).

“Wie in zeer weinig getrouw is, is ook in veel getrouw. En wie in zeer weinig onrechtvaardig is, is ook in veel onrechtvaardig. 11Indien gij dus niet getrouw geweest zijt ten aanzien van de onrechtvaardige Mammon, wie zal u dan het ware goed toevertrouwen?” (Lucas 16:10–11).

To grow in our ability to be used of God, which is spiritual wealth, and gain the greater things (having the power and presence of God in our lives) depends in part on how we handle our finances.

Om te groeien in de mogelijkheden om door God gebruikt te worden, wat geestelijke rijkdom is, en het grotere belang te krijgen (het hebben van de kracht en aanwezigheid van God in onze levens) hangt af hoe we met onze financiën omgaan.

To prove this further, there are roughly 500 references in the Bible to faith and 500 to prayer, but there are over 2,000 verses that refer to our finances! In addition to the spiritual laws that were set in place when God created the universe (see chapter 1), God has also established financial laws, which He has shared with us in His Word. We benefit from following the laws or suffer the consequences if we don’t. It doesn’t matter if we are ignorant of them or have chosen to reject them; these laws, like gravity, exist and cannot be debated.

Om dit verder te bewijzen, er zijn ongeveer 500 referenties in de Bijbel voor geloof en 500 voor gebeden, maar er zijn meer dan 2000 verzen die refereren naar onze financiën! In vergelijking tot de geestelijke wetten die op hun plaats zijn gezet toen God de universum creëerde (zie hoofdstuk 1), heeft God ook financiële wetten vastgesteld, welke Hij met ons heeft gedeeld in Zijn Woord. We profiteren ervan door ze te volgen of te lijden onder de consequenties als we dat niet doen. Het maakt niet uit als we onwetend zijn over ze of ervoor hebben gekozen om ze te negeren; deze wetten, zoals zwaartekracht, bestaan en kunnen niet gedebatteerd worden.

Principle #1: We reap what we sow.

Principe #1: We oosten wat we zaaien.

One of the most important principles of stewardship is sowing and reaping. To reap a harvest, we must sow seed first. There are many Scriptures that give us insight into the subject of sowing and reaping. Here a just a few:

Een van de meest belangrijkste principes van rentmeesterschap is zaaien en oosten. Om een oost te kunnen oosten, moeten we eerst zaaien. Er zijn veel Bijbelteksten die ons inzicht geven in het onderwerp van zaaien en oosten. Hier zijn er een paar:

“Now this I say, he who sows sparingly shall also reap sparingly; and he who sows bountifully shall also reap bountifully” (2 Cor 9:6).

“(Bedenkt) dit: wie karig zaait, zal ook karig oogsten, en wie mildelijk zaait, zal ook mildelijk oogsten” (2 Kor. 9:6).

“Those who sow in tears shall reap with joyful shouting” (Ps. 126:5).

“Wie met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien” (Ps. 126:5).

“Do not be deceived, God is not mocked; for whatever a man sows, this he will also reap” (Gal. 6:7).

“Dwaalt niet, God laat niet met Zich spotten. Want wat een mens zaait, zal hij ook oogsten” (Gal. 6:7).

“For the one who sows to his own flesh shall from the flesh reap corruption, but the one who sows to the Spirit shall from the Spirit reap eternal life” (Gal. 6:8).

“Want wie op (de akker van) zijn vlees zaait, zal uit zijn vlees verderf oogsten, maar wie op (de akker van) de Geest zaait, zal uit de Geest eeuwig leven oogsten” (Gal. 6:8).

“And let us not lose heart in doing good, for in due time we shall reap if we do not grow weary” (Gal. 6:9).

“Laten wij niet moede worden goed te doen, want, wanneer het eenmaal tijd is, zullen wij oogsten, als wij niet verslappen” (Gal. 6:9).

When we sow with the understanding of this principle and with faith in the Lord and His Word, we should expect to reap a harvest in and where we have sown! This is really exciting!

Wanneer we zaaien met dit begrip van deze principe en geloof in de Heer en Zijn Woord, dan kunnen we verwachten om een opbrengst te oosten in waar we hebben gezaaid! Dit is echt spannend!

No farmer would take the time or the money to sow seed if he did not expect to reap a harvest. In addition, if he wanted to reap a harvest of corn, he would sow corn. If he wanted to reap wheat, he would sow wheat.

Geen boer zal de tijd nemen of het geld om zaad te zaaien als hij geen opbrengst zal verwachten te oosten. Als toevoeging, als hij een opbrengst van mais wilt oosten, dan zou hij mais zaaien. Als hij graan zou willen oosten, dan zou hij graan zaaien.

Therefore, if you want to reap kindness, sow kindness. If you want to reap forgiveness, forgive! If you want to reap restoration in your marriage, then sow into restoration by ministering and/or financially—then anticipate a harvest, since God’s principles and His promises are true and He is faithful!!

Daarom, als je vriendelijkheid wilt oosten, zaai vriendelijkheid. Als je vergeving wilt oosten, vergeef! Als je herstel wilt oosten in jou huwelijk, dan zaai in herstel in bediening en/of financieel—dan voorzie dan een oost, aangezien de principes van God en Zijn beloftes waar zijn en Hij getrouw is!!

We can also believe God’s promise that sowing into His work means we are investing in our eternal future. “Do not store up for yourselves treasures on earth, where moth and rust destroy, and where thieves break in and steal. But store up for yourselves treasures in heaven, where neither moth nor rust destroys, and where thieves do not break in or steal; where your treasure is, there your heart will be also” (Matt. 6:19–21). More importantly, what we do with money here on earth is a true indicator of where our hearts are.

We kunnen ook Gods belofte geloven dat zaaien in Zijn werk betekent dat we investeren in onze eeuwige toekomst. “  Verzamelt u geen schatten op aarde, waar mot en roest ze ontoonbaar maakt en waar dieven inbreken en stelen; maar verzamelt u schatten in de hemel, waar noch mot noch roest ze ontoonbaar maakt en waar geen dieven inbreken of stelen. Want, waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn” (Matt. 6:19–21). Nog belangrijker, wat we doen met geld hier op aarde is een ware indicator waar onze harten zijn.

“Now He who supplies seed to the sower and bread for food will supply and multiply your seed for sowing and increase the harvest of your righteousness; you will be enriched in everything for all liberality, which through us is producing thanksgiving to God” (2 Cor. 9:10–11).

“Hij nu, die zaad verschaft aan de zaaier en brood tot spijze, zal u uw zaaisel verschaffen en vermeerderen, en het gewas uwer gerechtigheid doen opschieten, 11terwijl gij in alles verrijkt wordt tot alle onbekrompenheid, welke door onze bemiddeling dankzegging aan God bewerkt” (2 Kor. 9:10–11).

In other words, when God gives us a bountiful harvest, it is not so we can keep it selfishly for ourselves but so we can sow even more into the kingdom of heaven.

Met andere woorden, wanneer God ons een overvloedige opbrengst geeft, is dat niet zodat we het zelfzuchtig kunnen houden voor onszelf maar dat we het nog meer kunnen zaaien in het koninkrijk der hemelen.

The very wealthy Christians of today are the channels that keep ministries going, send missionaries to foreign lands, and keep our churches flourishing so that they can reach the lost for the Lord. They do not use their finances for their own pleasures but have found that in sowing into the things of God they have true joy and contentment.

De hele rijke Christenen van vandaag zijn de kanalen die de bedieningen draaiende houden, die zendelingen naar het buitenland sturen, en onze kerken laten bloeien zodat ze de verloren voor de Heer kunnen bereiken. Zij gebruiken niet hun financiën voor hun eigen plezier maar hebben ontdekt dat door te zaaien in de dingen van God ze echte blijdschap en tevredenheid hebben. 

However, we must also remember that poverty and prosperity are relative terms. What we call the “poverty level” in the United States would seem like affluence to those in many other countries.

Echter, mogen we niet vergeten dat armoede en voorspoed relatieve termen zijn. Wat wij noemen het “armoede niveau” in de Verenigde staten wat lijkt welvarend voor degenen in veel andere landen.

As Christians, we must find contentment in any and every situation. The apostle Paul reminds us in Philippians 4:12: “I know how to get along with humble means, and I also know how to live in prosperity; in any and every circumstance I have learned the secret of being filled and going hungry, both of having abundance and suffering need.”

Als Christenen, moeten we tevredenheid vinden in elke en iedere situatie. De apostel Paulus herinnerd ons in Filippenzen 4:12: “ Ik weet wat armoede is en ik weet wat overvloed is. In elk opzicht en in alle dingen ben ik ingewijd, zowel in verzadigd worden als in honger lijden, zowel in overvloed als in gebrek

Indeed, there are times when God calls His saints to suffering, martyrdom, or poverty (like the poor widow who gave two coins—all she owned) in order to glorify Himself. When He calls us to poverty or suffering, He gives us the grace to bear it with joy and thanksgiving (and without grumbling or complaining).

Inderdaad, er zijn tijden wanneer God Zijn heiligen roept om te lijden, lijdensweg, of armoede (zoals de arme weduwe die twee munten gaf—alles wat ze bezat) om Zichzelf te verhogen. Wanneer Hij ons roept tot armoede of lijden, geeft Hij ons de genade om het te dragen met blijdschap en dankzegging (zonder mopperen en klagen).

While we can’t understand all of God’s reasons for allowing poverty, we can trust that His ways are higher than our ways. “Out of the most severe trial, their overflowing joy and their extreme poverty welled up in rich generosity. For I testify that they gave as much as they were able, and even beyond their ability” (2 Cor. 2:8). Sometimes those who suffer the greatest need become the most generous! For someone with a love of money, a loss of riches may be one of the ways God breaks us, draws us to Himself, and teaches us to rely solely on Him.

Terwijl we niet alle redenen kunnen begrijpen waarom God armoede toelaat, kunnen wij erop vertrouwen dat Zijn wegen hoger zijn dan onze wegen. “Want, doordat zij beproefd zijn gebleken in veel verdrukking, hebben hun overvloedige blijdschap en diepe armoede nog overvloedig de rijkdom van hun mildheid bevorderd; want (zij deden), dat getuig ik, wat zij konden, ja meer dan dat” (2 Kor. 8:2). Soms zijn het die het meest lijden in de grootste noden die worden het meest vrijgevige! Voor iemand die geld lief heeft, het verlies van rijkdom kan een van de manieren zijn waarmee God ons breekt, ons tot Hem trekt, en leert om echt alleen op Hem te steunen.

However, in our country, poverty and debt do not usually draw the interest or attention of your family, friends, and neighbors. If we have been blessed with much, we must witness to others not by self-righteously preaching to them or condemning their lifestyle but by allowing them to “read” God in our lives! “You are our letter, written in our hearts, known and read by all men” (2 Cor. 3:2). We must exhibit the fruits of our Father. We must be at peace in the midst of troubles, bless our enemies, freely forgive, and walk in whatever prosperity the Lord allows. Our generosity should glorify Him and may be the very kindness that God uses to draw others to Himself!

Echter, in ons land, armoede en schulden trekken gewoonlijk niet de interesse of aandacht van je familie, vrienden, en buren. Als we zijn gezegend met veel, dienen we getuigen te zijn voor andere niet door zelf rechtvaardigheid te preken aan hun of hun levensstijl te veroordelen maar door hun toe te staan om God in onze levens te “lezen”! “ Onze brief zijt gij, geschreven in onze harten, kenbaar en leesbaar voor alle mensen” (2 Kor. 3:2). We moeten de vruchten van onze Vader laten zien. We moeten in vrede zijn in het midden van onze problemen, onze vijanden zegenen, vrijgevig vergeven, en wandelen in welke voorspoed onze Heer ook toestaat. Onze vrijgevigheid  zou Hem moeten groot maken en msschien juist de vriendelijkheid die God gebruikt om anderen tot Hem te trekken!

“. . . And let them say continually, ‘The Lord be magnified, who delights in the prosperity of His servant” (Ps. 35:27).

“…..Dat zij bestendig zeggen: De Here is groot, die welgevallen heeft aan het heil van zijn knecht.” (Ps. 35:27).

Principle #2: God owns everything.

Principe #2: God bezit alles.

Psalm 24:1 (NIV) says simply, “The earth is the Lord’s, and everything in it . . .” Everything we have belongs to God.

Psalm 24:1 (NBG-51) zegt simpel, “Des Heren is de aarde en haar volheid, de wereld en die daarop wonen…..” Alles wat wij hebben is van God.

“Yours, O Lord, is the greatness and the power and the glory and the majesty and the splendor, for everything in heaven and earth is Yours” (1 Chron. 29:11).

“Van U, o Here, is de grootheid en de kracht, de heerlijkheid, de roem en de majesteit, ja, alles wat in de hemel en op de aarde is; van U” (1 kron. 29:11).

“‘The silver is Mine and the gold is Mine,’ declares the Lord Almighty” (Hag. 2:8).

“‘Van Mij is het zilver en van Mij is het goud, luidt het woord van de Here der heerscharen” (Hag. 2:8).

All we have, whether much or little, is on loan to us—we are stewards. Again, it is how we handle what has been entrusted to us (as explained in the Luke 16 parable) that will determine whether He blesses us with more or if He takes away what we already have.

Alles wat we hebben, of het nou veel of weinig is, het is aan ons geleend—wij zijn rentmeesters. Nogmaals, het is hoe we ermee omgaan wat ons is toe vertrouwd (zoals ons uitgelegd in de gelijkenis in Lucas 16) wat uit zal maken of Hij ons zal zegenen met meer of dat Hij zal wegnemen wat we al hebben.

Principle #3: God provides everything.

Principe #3: God voorziet in alles.

“Otherwise, you may say in your heart, ‘My power and the strength of my hand made me this wealth.’ But you shall remember the Lord your God, for it is He who is giving you power to make wealth, that He may confirm His covenant which He swore to your fathers, as it is this day. It shall come about if you ever forget the Lord your God and go after other gods and serve them and worship them, I testify against you today that you will surely perish” (Deut. 8:17–19).

“Zeg dan niet bij uzelf: mijn kracht en de sterkte mijner hand heeft mij dit vermogen verworven. Maar gij zult aan de Here, uw God, denken, want Hij is het, die u kracht geeft om vermogen te verwerven, ten einde het verbond gestand te doen, dat Hij uw vaderen gezworen heeft – zoals dit heden het geval is. Maar het zal geschieden, indien gij de Here, uw God, te enen male vergeet en andere goden achterna loopt, hen dient en u voor hen nederbuigt – ik betuig heden tegen u, dat gij voorzeker zult omkomen” (Deut. 8:1719).

“But who am I and who are my people that we should be able to offer as generously as this? For all things come from You, and from Your hand we have given You. For we are sojourners before You, and tenants, as all our fathers were; our days on the earth are like a shadow, and there is no hope. O Lord our God, all this abundance that we have provided to build You a house for Your holy name, it is from Your hand, and all is Yours”    (1 Chron. 29:14–16).

“Wie toch ben ik, en wat is mijn volk, dat wij in staat zouden zijn zulke vrijwillige gaven te schenken? Want het komt alles van U, en wij geven het U uit Uw hand. Voorwaar, wij zijn vreemdelingen en bijwoners voor uw aangezicht, gelijk al onze vaderen; als een schaduw zijn onze dagen op aarde, zonder hoop. Here, onze God, al deze rijkdom die wij bijeengebracht hebben om U een huis te bouwen voor uw heilige naam, komt uit uw hand; U behoort het alles.” (1 Kron. 29:14–16).

“And my God will supply all your needs according to His riches in glory in Christ Jesus” (Phil. 4:19).

Mijn God zal in al uw behoeften naar zijn rijkdom heerlijk voorzien, in Christus Jezus.” (Fillip. 4:19).

Whether you earned it in your job or it was given to you, who was the Source of everything that you have? God.

Of je het verdient hebt met je werk of dat het aan jou is gegeven wie was de Bron van alles dat je hebt? God. 

Principle #4: God wants the first portion of what He gives you.

Principe #4: God wilt het eerste deel van wat Hij jou geeft.

Many Christians give to their church and other charitable organizations but are not blessed because they don’t understand this very important principle. God is clear throughout the entire Bible that He wants to be first in every area of your life.

Vele Christenen geven aan hun kerk en andere barmhartige organisaties maar zijn niet gezegend omdat ze deze erg belangrijke principe niet begrijpen. God is duidelijk door de hele Bijbel heen dat Hij eerst wilt zijn in elk gebied van onze levens.   

If you pay your bills before returning the first back to Him, God is not first in your life and you will have missed the blessing. We learned in chapter 5, “First Love,” that God removes from us what we have put ahead of Him.

Als je eerst je rekeningen betaalt voordat je eerst terug geeft aan Hem, dan is God niet eerst in je leven en dan mis je de zegening. We leren in hoofdstuk 5, “Eerste Liefde,” dat God van ons verwijderd wat we voor Hem zetten.

“Honor the Lord from your wealth, and from the first of all your produce; so your barns will be filled with plenty, and your vats will overflow with new wine” (Prov. 3:9). The principle is clear; we must give to God first.

“Vereer de Here met uw rijkdom en met de eerstelingen van al uw inkomsten dan zullen uw schuren met overvloed gevuld worden en uw perskuipen van most overstromen” (Spr. 3:9). De principe is duidelijk; we moeten God eerst geven

Often when Christians begin to consider tithing, they cannot see how they can possibly tithe since they are barely making ends meet. This is because they are also ignorant to what has been happening in their finances. Haggai 1:9 says that God “blows away” what you bring home, and He also allows the devourer to come and take what was rightfully His.

Vaak als Christenen erover nadenken om tiende te geven, kunnen ze niet zien hoe het mogelijk is om tiende te geven omdat ze al moeite hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Dit is ook omdat ze onwetend zijn over wat er gebeurt in hun financiën. Haggai 1:9 zegt dat God “het weg blies” wat je naar huis hebt gebracht, en Hij heeft de vernietiger toegelaten om weg te nemen wat rechtmatig van Hem was.  

“‘Bring the whole tithe into the storehouse, so that there may be food in My house, and test Me now in this,’ says the Lord of hosts, ‘if I will not open for you the windows of heaven, and pour out for you a blessing until it overflows. Then I will rebuke the devourer for you, so that it may not destroy the fruits of the ground; nor will your vine in the field cast its grapes,’ says the Lord of hosts” (Mal. 3:10–11).

“‘Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis; beproeft Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen, of Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen en zegen in overvloed over u uitgieten. Dan zal Ik, u ten goede, de afvreter dreigen, opdat hij de vrucht van uw land niet verderve en opdat de wijnstok op het veld voor u niet zonder vrucht zij, zegt de Here der heerscharen” (Mal. 3:1011). 

Every month non-tithing Christians are met with “unexpected” expenses, things like repairs or other needs they did not foresee. It is only because they are ignorant of this principle. For if God is first in your life—first in your heart, first in your day, and first in your finances—then (and only then) God will “open for you the windows of heaven, pour out for you a blessing until it overflows,” and faithfully “rebuke the devourer for you.”

Elke maand krijgen Christenen die geen tiende geven te maken met “onverwachte” uitgaven, dingen zoals reparaties of andere benodigdheden die ze niet hebben voorzien. Het is alleen maar doordat ze niet bekend zijn met deze principe. Want als God eerst is in jou leveneerst in je hart, eerst in je dag, en eerst in je financiëndan (en alleen dan) zal God voor jou “de vensters van de hemelen openen, een zegening voor je uitstorten totdat het overstroomt,” en getrouw “de vernietiger voor je bestraffen.”

Those who humble themselves by giving God their tithe and offerings will delight themselves in abundant prosperity! “But the humble will inherit the land, and will delight themselves in abundant prosperity” (Ps. 37:11). His Word tells us, “Adversity pursues sinners, but the righteous will be rewarded with prosperity” (Prov. 13:21).

Degene die zichzelf verootmoedigen door God hun tiende te geven en offers zullen zichzelf wellustige in overvloedige voorspoed! “maar de ootmoedigen beërven het land en verlustigen zich in grote vrede” (Ps. 37:11). Zijn Woord vertelt ons, “Het kwaad vervolgt de zondaren, maar de rechtvaardigen vergeldt Hij het goede” (Spr. 13:21).

Principle #5: What you do with the first portion determines what God does with the rest.

Principe #5: Wat jij doet met het eerste deel maakt uit wat God doet met de rest.

When God asked Abraham for His son, he did not withhold him; as a result, God tells him, “for now I know that you fear God, since you have not withheld your son, your only son, from Me . . . because you have done this thing and have not withheld your son, your only son, indeed I will greatly bless you . . .” (Gen. 22:12, 17).

Toen God Abraham vroeg om Zijn zoon, heeft hij hem niet weerhouden; als resultaat, vertelt God hem, “want nu weet Ik, dat gij godvrezend zijt, en uw zoon, uw enige, Mij niet hebt
onthouden….. omdat gij dit gedaan hebt, en uw zoon, uw enige, Mij niet onthouden hebt, zal Ik u rijkelijk zegenen…..” (Gen. 22:12, 16).

God told the army who took Jericho that they were not to take the spoil of the first city, and God would then give them the rest. God always wants to first to test our hearts. “The refining pot is for silver and the furnace for gold, but the Lord tests hearts” (Prov. 17:3). However, one of the soldiers, Akin, could not resist and took some of the spoil. When they were to take the next city, Ai, in a battle that was much smaller and should have easily been won, they were defeated. (See Joshua 6.)

God vertelde het leger dat Jericho innam dat ze niet de buit van de eerste stad mochten nemen, en dat God ze dan al het andere zou geven. God wilt altijd eerst onze harten testen. “  De smeltkroes is voor het zilver en de oven voor het goud, maar de toetser der harten is de Here” (Spr. 17:3). Echter, een van de soldaten, Akin, kon het niet weerstaan en nam iets van de buit. Toen ze de volgende stad wilde innemen, Ai, in een strijd dat veel kleiner was en dat makkelijk gewonnen had kunnen worden, werden ze verslagen. (Zie Joshua 6.)

This principle is not just in your finances, or in your restoration, but in every area of your life. When we fail to give to God first, we are robbing God of what He has asked for. He wants no other gods before Him: not our money, our spouses, our marriages, or our careers. What you do with the first of everything will determine what God will do with the rest—bless it or curse it.

Deze principes is niet alleen voor in je financiën, of in jou herstel, maar in elk gebied van je leven. Wanneer we falen om eerst aan God te geven, dan stelen we van God datgene wat Hij gevraagd heeft. Hij wilt geen andere god voor Hem: niet ons geld, onze partners, onze huwelijken, of onze carrières. Wat je doet met al het eerste zal uitmaken wat God zal doen met de rest—zegenen of vervloeken.

Are you in a financial crisis?
Zit je in een financiële crisis?

“But seek first His kingdom and His righteousness, and all these things will be added to you” (Matt. 6:33).

“Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden.” (Matt. 6:33).

Have you sought the Lord about your finances? In Philippians 4:19, the Bible clearly teaches that the Lord is the One who will supply all our needs. However, if we go to others with our needs rather than seeking the Lord—if we fail to “seek Him first”—then “all these things” will not be “added unto” us.

Heb je de Heer gezocht voor je financiën? In Filippenzen 4:19, leert de Bijbel ons duidelijk dat de Heer de Ene is die zal voorzien in al onze noden. Echter, als we naar anderen gaan met onze noden in plaats van  de Heer te zoeken—als we falen om “Hem eerst te zoeken”—dan zullen “al deze dingen” niet “toegevoegd worden” aan ons.

Are you following the principles for financial security in the Lord? The Scriptures teach us that we are to tithe in order to be “filled with plenty” and “overflow” (Prov. 3:9–10). We are also encouraged to “sow” if we want to reap (Gal. 6:7 and 2 Cor. 9:6). Have you been sowing and faithfully tithing? Take the time to read these passages of Scripture again and again, then pray for how the Lord wants to change the way that you are trusting Him while fulfilling His command to all believers, beginning by giving a portion back to Him.

Volg je de principes voor financiële bescherming in de Heer? De Bijbel leert ons dat we tiende moeten geven om “gevuld te worden met veel” en “overstromingen” (Spr. 3:9–10). We worden ook bemoedigd om te “zaaien” als we willen oosten (Gal. 6:7 en 2 Kor. 9:6). Heb je gezaaid en getrouwd je tiende gegeven? Neem de tijd om deze passages in de Bijbel over en over te lezen, bid daarna hoe de Heer wilt veranderen de manieren dat je Hem vertrouwt terwijl je Zijn geboden vervuld aan al de gelovigen, door te beginnen een portie terug te geven aan Hem. 

If you are tithing faithfully and still in a financial crisis, make sure that you are following all of God’s statutes. There are many references in Scripture to actions that lead to poverty, including not asking (James 4:2), asking with wrong motive (James 4:3), adultery (Prov. 6:26), heavy drinking or gluttonous behavior (Prov. 21:17, Prov. 23:21), laziness (Prov. 10:4, Prov. 14:23, Prov. 28:18–20), not accepting rebuke or correction (Prov. 13:18), making hasty decisions (Prov. 21:5), oppressing the poor (Prov. 22:16), and, of course, withholding from God what is rightfully His.

Als je getrouw je tiende geeft en nog steeds in een financiële crisis zit, wees dan zeker dat je alle statuten van God volgt. Er zijn vele referenties in de Bijbel van acties die leiden naar armoede inclusief het niet vragen (Jacobus 4:2), het vragen met verkeerde motieven (Jacobus 4:3), overspel (Spr. 6:26), dronkenschap of vraatzuchtig gedrag (Spr. 21:17, Spr. 23:21), luiheid (Spr. 10:4, Spr. 14:23, Spr. 28:18–20), het niet accepteren van bestraffing of correctie (Spr. 13:18), het maken van haastige beslissingen (Spr. 21:5), onderdrukken van de armen (Spr. 22:16), en natuurlijk en het onthouden van God wat rechtmatig van Hem is.

While we are giving back to God in tithes and offerings, we also need to be sure we are giving our husbands the honor they deserve. “The heart of her husband safely trusts in her; so he will have no lack of gain” (Prov. 31:11). If your husband has had a difficult time providing, are you sure he can trust you? Has he told you to get rid of your credit cards, but you kept them? Are you responsible with the purchases you make, and do you look well to the ways of your household? Have you shamed him to others? Be sure you are pure in heart and faithful to your husband in every way.

Terwijl we God terug geven in het geven van tiende en offers, moeten we ook zeker zijn dat we onze mannen de eer geven die ze waard zijn. “Op haar vertrouwt het hart van haar man, het zal hem aan voordeel niet ontbreken” (Spr. 31:11). Als jou echtgenoot een moeilijke tijd heeft om te voorzien, ben je dan zeker dat hij jou kan vertrouwen? Heeft hij je verteld om de credit cards weg te doen, maar je hebt ze gehouden? Ben je verantwoordelijk met de uitgaven die je doet, en kijk je goed naar de manieren van je huishouden? Heb je hem beschaamd bij anderen? Wees zeker dat je puur van hart bent en getrouw aan je echtgenoot in elk opzicht.

When I was in financial ruin as a single mother of four young children, I learned the principle of tithing. Even though I lived close to poverty level, I began tithing for the first time in my life. Not only did I sow by tithing ten percent of the meager amount of the money I received, but I also sowed into the lives of women who were experiencing tragedy in their lives (telling them about God’s ability to restore their marriages).

Toen ik financieel was geruïneerd als een alleenstaande moeder van vier jonge kinderen, heb ik de principe van het geven van tiende geleerd. Ook al leefde ik dichtbij de armoede grens, begon ik voor het eerste in mijn leven tiende te geven. Niet alleen zaaide ik door het geven van tiend procent van het magere geld bedrag da tik ontving, maar ik zaaide ook in de levens van vrouwen die tragedies ervaarde in hun levens (door hun te vertellen over Gods mogelijkheid om hun huwelijken te herstellen).

My giving to the Lord set the standard in our home when my husband was gone. God honored this by leading my husband to tithe soon after he came home without my telling him! If you are struggling with giving that much, it may help you to know that God owns everything we have, and it is only because of Him that we have been given the “power to make wealth, that He may confirm His covenant” with us. (Deut. 8:18). Therefore you need to make sure that you give to Him first to confirm that He is first in your life!

Dat ik gaf aan de Heer werd een standaard in  ons huis toen mijn echtgenoot weg was. God heeft die geëerd door mijn echtgenoot te leidden om tiende te geven kort nadat hij terug naar huis was gekomen zonder dat ik hem dit vertelde! Als je worstelt met het geven van zoveel, zal het je misschien helpen om te weten dat God alles bezit dat we hebben, en het is alleen door Hem “want Hij is het, die u kracht geeft om vermogen te verwerven, ten einde het verbond gestand te doen” met ons. (Deut. 8:18). Daarom moet je zeker weten dat je als eerst aan Hem geeft om te bevestigen dat Hij de eerste is in je leven!

Will you serve God or mammon (money)?
Zal je God dienen of de mammon (geld)?

Too many shy away from teaching on giving because of the abuses and because they don’t want to be considered “money seekers,” but it doesn’t eliminate the truth in the message. Search for the truth yourself. Test Him to see if He is faithful to His promise. Give to God first, tithe to your storehouse (where you are spiritually fed), and see if your life changes and you are blessed in all areas of your life.

Teveel zijn terughoudend om les te geven over  het geven vanwege het misbruik en omdat ze niet als geldzoekers beschouwd willen worden, maar het elimineert de waarheid in de boodschap. Ga op zoek naar de waarheid voor jezelf. Test Hem om te zien of Hij trouw is aan Zijn belofte, Geef eerst aan God, geef aan je voorraadschuur (waar je geestelijk gevoed word), en zie of je leven veranderd en dat je word gezegend in elke gebied van je leven.  

God is the one who provides for our ministry and for our family. We sow into the lives of those who are brokenhearted and water with ongoing support through our fellowship, but it is God who brings the increase. We look to no one to supply our needs but God alone.

God is degene die voorziet voor onze bediening en voor onze familie. We zaaien in de levens van degene waarvan de harten gebroken zijn en besproeien ze voortdurend door onze ondersteuning door onze bijeenkomsten, maar het is God die de toename brengt. We zoeken naar niemand om onze te voorzien in onze noden dan alleen God. 

Failing to properly teach such an important principle would be to neglect to feed the sheep and shepherd those who are coming to us for help, support, and direction.

Falen om naar behoren te onderwijzen zo een belangrijke principe zou een verwaarlozing zijn voor het voeden van de schapen en de herders die naar ons toekomen voor hulp, ondersteuning en leiding.

Jesus said to feed His sheep, and God said in Hosea that His people perished for a lack of knowledge (Hos. 4:6). Many who come to us are new Christians or have been attending a church where this principle, and other principles of restoration, is not taught. Our job is to make disciples of the Lord, to give them the tools they need to transform their lives.

Jezus heeft gezegd om Zijn schapen te voeden, en God heeft in Hosea gezegd dat Zijn volk ten onder gaat door gebrek aan kennis (Hos. 4:6). Vele die naar ons toe komen zijn herboren Christenen of zijn naar een kerk gegaan waar deze principe, en andere principes van herstel, niet is geleerd. Ons werk is om discipelen te maken voor de Heer, om hun de wapens te geven die ze nodig hebben om hun levens te transformeren.  

For those of you who have never given God His tithe, may God prove to you that you can do more with 90% of your income than the 100% that you used to control. It will take a step of faith, but just like when you chose to restore your marriage rather than moving on, your life will never be the same.

Voor degene van jullie die nog nooit God Zijn tiende heeft gegeven, moge God je bewijzen dat je meer kan doen met 90% van je inkomen dan met 100% die je probeert onder controle te houden. Het zal een stap in geloof nemen, maar net zoals je hebt gekozen om je huwelijk te herstellen in plaats van verder te gaan, zal je leven nooit meer hetzelfde zijn. 

For those of you who do give (but God is not first), may you rearrange your priorities in every area of your life to show God that He has first place.

Voor degene van jullie die geven (maar God is niet de eerste, zorg dat je je prioriteiten her organiseer in elk gebied van je leven om God te laten zien dat Hij de eerste plaats heeft. 

God is a God who longs to be gracious to us; He longs to bless us!

God is een God die ernaar verlangt om ons genadig te zijn; Hij verlangt ernaar om ons te zegenen!

“. . . And let them say continually, “the Lord be magnified, who delights in the prosperity of His servant” (Ps. 35:27).

“…….Dat zij bestendig zeggen: De Here is groot, die welgevallen heeft aan het heil van zijn knecht” (Ps. 35:27).

Let me close with this wonderful promise: “Those who sow in tears shall reap with joyful shouting” (Ps. 126:5). Hallelujah!!

Laat mij afsluiten met deze wonderbare belofte: “Wie met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien” (Ps. 126:5). Hallelujah!!

Personal commitment: to give. “Based on what I have learned in Scripture, I commit to trusting and blessing the Lord with my finances. I will seek the Lord regarding how and where to tithe. I will sow into restoring marriages through sharing the good news about restoration with those whom God brings into my life and through my financial giving as God leads and faithfully provides for me.”

Persoonlijke toewijding: om te geven. “Gebaseerd op wat ik heb geleerd in de Bijbel, maak ik de afspraak om te vertrouwen en de Heer te zegenen met mijn financiën. Ik zal de Heer zoeken over hoe en waar tiende te geven. Ik zal zaaien in herstelde huwelijken door het delen van het goede nieuws over herstellingen met degene wie God in mijn leven brengt en door financieel te geven als God het leid en trouwvol voor mij voorziet.”   

"Als je klaar bent om je toe te wijden aan God om je cursus te kunnen beëindigen, door HIER TE KLIKKEN ga je akkoord, en ben je klaar om deze eerste stap van je Herstel Reis te documenteren in je "Dagelijks Logboek" formulier. Neem de tijd, ga zitten, en pak je koffie of thee, en stort je hart uit in je Logboek.